Mijn foto's: pagina's 1  2  3  4  5  6  7  8
Mijn verhaal in woorden: pagina's
A  B  C  D  E  F

Foto's pagina 1

El Camino
mijn voettocht door Noord-Spanje in 2002
Op deze en volgende pagina's neem ik je met foto's mee op een leuke wandeling die ik in 2002 heb gemaakt. Mijn thema tijdens deze wandeling was: Ik vroeg, ik kreeg.
Ik begon op 6 mei in Lourdes en via de PyreneeŽn wandelde ik, samen met m'n rugzak en strohoed via Santiago de Compostela naar de kust bij Cabo Fistera. Op de kaart dus van rechts naar links. Men zegt dat dit de pelgrimsroute van de AtlantiŽrs was en dat ze vanaf de kaap keken naar hun verzonken moederland. Ik kwam daar aan op de langste dag en was blij met wat ik had gedaan.
De meeste foto's zijn van mijn wijsvinger, een stuk of dertig heb ik per mail gekregen van Bob, een verstokte wandelaar uit de VS en een paar van andere pelgrims of van toeristen. Ook zie je af en toe een prachtige aquarel van een Engelse dame die samen met haar man en hun theepotje naar Santiago gingen.
Hieronder de kaart van het eerste traject.

Lourdes, het grote
plein voor
de kathedraal

Het is een verzameling
van zieken, helpers
en verzorgers,
bedevaartgangers
toeristen en
verkopers van
prullaria.

 

Voor mij is Lourdes geen hemelse plek, maar een plaats waar duidelijk naar voren komt dat mensen de macht over zichzelf uit handen hebben gegeven. En degene die die macht heeft genomen laat duidelijk zien welke macht zij zichzelf toedichten. Dat is zichtbaar in alle grote plaatsen waar El Camino langs gaat in de vorm van grote, protserige katedralen. Dat is mijn ding dus niet. Ik houd mijn macht graag zelf en dat is waar mijn pelgrimage over gaat.
Een stoet van
zieken en invaliden
stroomt het voorplein
van de kathedraal op,
op zoek naar genezing.

Een kaarsje branden om de duur van je gebed te verlengen en dus meer kracht bij te zetten. Ik heb er ook een aangestoken voor het welzijn van de mensheid.

De eerste dag na een kilometer of 15 begint het te regenen en pas op de grens met Spanje wordt het droog. Die dag hoorde ik, toen ik een schuilpek vroeg om te eten, dat Pim Fortuin was vermoord. De Fransen waren er vol van, mij deed het helemaal niets.
De buitenwereld had voor mij opgehouden te bestaan. Deze mensen waren wel belangrijk,
want ik mocht aanschuiven aan hun
tafel en meeeten.
Zo ziet het dal er uit. Mooi maar de weg is wel erg druk en ik voel me niet veilig. Oostelijk van de weg die ik bewandel ligt het eigenlijke pad van de weg van St. Jacobus, maar door de regen
waarin ik al vele dagen loop is het glibberig en onbegaanbaar.
Gisteren ben ik door een echtpaar in een auto van de weg gehaald en naar een hotel in Oloron gebracht. Vandaag per bus weer teruggegaan naar die plek om verder te lopen.

Op weg naar de Col du Somport, niet omhoog maar op en neer, stijgen en dalen, van 300 naar 1650 meter. Daar boven links moet het ergens zijn.

Even rusten en die zware rugzak even van m'n schouders. Ik heb al een kilo of drie naar huis gestuurd, maar het is nog erg wennen.

Weer een stukje naar beneden. Hoe lang duurt het nog voor je alleen maar omhoog gaat?
Borce, de laatste overnachting in Frankrijk, de eerste refugio en dan meteen ook een hele mooie met een kapel erbij.
Dit is de kapel van binnen.
Een zijdal waar de PyreneeŽn
hun grootsheid tonen.

En weer gaat het naar beneden. Daar bij die besneeuwde toppen moet ik ergens zijn om Spanje voor me te zien.

De Col de Somport op ruim 1600 meter hoogte. Op de paal staat dat het nog 868 km is naar Santiago. De eerste 100 km in Frankrijk zitten er op. Als ik links omhoog kijk zie ik sneeuw en er lopen mensen met skies op hun schouder naar de lift. Beneden is alles groen.
Het weer is meteen veel beter en het landschap is echt anders dan aan de noordkant van Somport. Hier zie je de eerste graven in een muur in plaats van in de grond.

Boven op de Somport ontspringt de Rio Aragon en hier beneden is het al een hele rivier in een imposante kloof. De Rio Aragon zal lange tijd mijn gezelschap zijn.

Deze bordjes met de schelp en de gele pijlen zijn mijn gidsen.
Soms loop je door het dal, maar vaker halverwege de berg met prachtig uitzicht en bloeiende brem. Daardoor zie je de gele pijlen soms niet zo goed.
Bij een zijriviertje even voorbij Canfranc kun je kiezen tussen de stapstenen of je schoenen uit en door het verkoelende water
stappen.
Voorbij Jaca gaat het weer bergop. Tenminste als je ervoor kiest om langs het klooster van San Juan de la PeŮa te lopen. Dit is een fikse omweg met veel klimmen, maar de beloning is een goede conditie en een prachtig uitzicht. Alleen jammer dat ik boven op de berg de weg ben kwijtgeraakt en het klooster niet heb gevonden.
Heel wat anders dan in Frankrijk.
Met soms bijna onbegaanbare
paden waarbij je echt last hebt van je zware rugzak. Hier is een wandelstok geen
overdreven luxe.